We beginnen vaak aan de verkeerde kant
In de praktijk gaat het vaak anders. Er wordt gekeken naar wat er is. Naar wat ingezet kan worden. Naar wat “gebruikelijk” is. En van daaruit wordt gewerkt. Dat lijkt logisch. Het lijkt soms ook te werken. Maar het zorgt er ook voor dat oplossingen niet altijd aansluiten.
De volgorde maakt het verschil
Wanneer je begint bij de cliënt, verandert er iets. Je kijkt anders. Je stelt andere vragen. Je ziet zelfs andere mogelijkheden. Niet alles hoeft meer opgelost te worden. Sommige dingen blijken al te kunnen.

Zo werkt de schijf van vijf
Deze manier van werken wordt vaak uitgelegd aan de hand van een simpele volgorde:
1. Wat kan iemand zelf of opnieuw leren?
2. Welke hulpmiddelen kan je inzetten?
3. Wat kan de mantelzorger of naaste betekenen?
4. Wat kan de omgeving betekenen (bijv. buurthuizen)?
5. En pas daarna: welke ondersteuning is er echt nodig vanuit een zorgorganisatie?

Waarom dit werkt
Van zoeken naar weten. Van twijfel naar vertrouwen. In echte situaties zie je wat er verandert met Floortje, als keuzes wél passen. Voor de cliënt én voor jou.
Wat dat oplevert
1. Meer zelfstandigheid voor de cliënt
2. Meer betrokkenheid van de omgeving
3. Minder onnodige zorgmomenten
4. Meer ruimte voor aandacht
Floortje. In de praktijk
Van zoeken naar weten. Van twijfel naar vertrouwen. In echte situaties zie je wat er verandert met Floortje, als keuzes wél passen. Voor de cliënt én voor jou.







































